Hindoe

Hindoe

Binnen het hindoeïsme bestaan twee (grote) stromingen :

1. Sanatan Dharma: een traditionele stroming. Van de hindoes behoort ongeveer 75 % tot deze stroming. In deze stroming zijn drie voornaamste goden belangrijk die ten behoeve van het Brahman de kosmos en de aarde besturen: Brahma, Vishnoe en Shiva. De Sanatan Dharma ziet God als een abstracte, zichtbare onzichtbare en een allesomvattende God.

2. Arya Samaj: een liberalere, modernere stroming die teruggrijpt naar de 4 Veda’s (oude religieuze geschriften; er staan geen wetten of regels in maar hoofdzakelijk zaken m.b.t. God). Zij gaan ervan uit dat er één god is. Deze God kan verschillende namen aannemen, o.a. Brahma, Vishnoe en Shiva. God is in alle mensen aanwezig, want God is een kracht en die doordringt alle zielen. Deze stroming kent geen visualisatie van God, en doet daarmee niet aan beeldaanbidding, want dan maak je God plaatselijk. Deze stroming kent ook geen Autar van God, namelijk dat God in een gedaante van een mens geboren kan worden.

Verder zijn er nog enkele andere, kleinere stromingen en nieuwe religieuze bewegingen, zoals de Kabir Panthi, Hare Krishna beweging etc. De volgelingen zien hun leermeester (goeroe) als de eerste god.

Er zijn vier vormen van eindceremonie mogelijk waarbij de reïncarnatie, de ziel gaat over in een ander lichaam op basis van daden die men in zijn leven heeft verricht, centraal staat. Voor Nederland geldt ten eerste crematie (deze vorm wordt als enige door de Arya Samaj geaccepteerd, want het is volgens deze stroming niet hygiënisch om te begraven, bovendien is aanbidding van de overledene bij een grafplaats onwenselijk) en ten tweede een begrafenis. De derde en de vierde vorm vinden beide in India plaats: het neerleggen van het lichaam op een bergtop als voedsel voor aasgieren en het deels verbranden van een lichaam waarna het in de Ganges wordt geworpen.

Uitvaart (rituelen) en rouw:

De Pandit is als geestelijk verzorger betrokken bij het overlijdens- en uitvaartproces en de rouwverwerking. De Pandit leest voor uit de heilige boeken en gaat voor in gebed. Soms wordt ook samen gezongen.

Bij de Sanatan Dharma zijn de uitvaartrituelen in de regel omvattender dan bij de Arya Samaj waar de rituelen eenvoudiger en sneller van aard zijn. Bij de Sanatan Dharma ligt de nadruk op de reis van de ziel, bij de Arya Samaj op het teruggeven van het lichaam.

Tegenwoordig is (door verwesterlijking en door onmogelijkheden van het uitvoeren van de eigen rituelen in het land van aankomst door bijvoorbeeld wetgeving, in dit geval Nederland) ook eigen, persoonlijke inbreng van nabestaanden in de uitvaart waar te nemen. Jongere generaties kunnen wat meer beknoptere wensen hebben, oudere generaties daarentegen meer uitgebreider.

De rituelen die plaatsvinden na het overlijden zijn o.a. het brengen van een rituele wassing en vuuroffers. Vervolgens wordt de overledene verzorgd door de directe familieleden. De overledene wordt netjes aangekleed en goed verzorgd. Een man krijgt een pak aan (hangt van land af), een vrouw wordt gekleed in een traditionele sari. Het is belangrijk dat de nabestaanden een mooie herinnering aan de overledene kunnen behouden.

In het rouwcentrum wordt het rouwbezoek georganiseerd. Het overlijden wordt persoonlijk of via de radio bekend gemaakt. Tijdens het rouwbezoek is de kist open. Bij het hoofdeinde staat een speciaal kaarsje (diyaa), een kleigebakken kommetje met geklaarde boter (ghee: symbool van zuiverheid en licht). Men bidt en er worden toespraken gehouden. Aan het einde loopt iedereen langs de kist. Het tonen van verdriet is heel gewoon: mannen en vrouwen geven hun emoties de vrije loop.

Hindoes geven de voorkeur aan crematie omdat het de snelste manier zou zijn om het lichaam terug te laten keren naar de ‘bron’. Een aantal directe nabestaanden gaat mee naar de ovenruimte om aanwezig te zijn bij het invoeren van de overledene in de crematieoven.  Na de crematie wordt de as toevertrouwd aan de oneindigheid. De traditionele manier is het verstrooien boven stromend water, bij voorkeur boven de rivier de Ganges (India). In Nederland gebeurt het veelal boven zee in het besef dat de elementen van de as zo uiteindelijk ook in het water naar de oneindigheid terecht komen. Wereldwijd gezien staat de zee immers in contact met de Ganges.

Voor de directe familie geldt dat zij een bepaalde periode, die langer of korter kan duren, vegetarisch eten en geen alcohol nuttigen. Men draagt witte of zwarte met witte rouwkleding, geen sieraden of make-up. Het is ook van groot belang dat het huis en omgeving van de overledene rein worden gehouden.

Bij de Sanatan Dharmi’s gaan de directe nabestaanden gedurende 12 tot 13 dagen vanaf het overlijden (of de crematie) in grote getalen op rouwbezoek bj de nabestaanden thuis om het leed te delen. Omdat dit vaak veel problemen oplevert i.v.m. de kleine behuizing, huurt men soms ook wel meerdere malen het rouwcentrum af om daar al het rouwbezoek te ontvangen. Bij de Arya Samaji’s gaat men na de crematie naar huis voor een laatste zuiveringsceremonie; hiermee is de zorg voor de overledenen beëindigd en is men klaar.

Hoewel er bijvoorbeeld erediensten in Hindoe tempels (mandir) worden gehouden, is het Hindoeïsme met name een thuisgodsdienst dan een tempelgodsdienst. Zeker op het gebied van uitvaartrituelen; een uitvaart vindt dan ook niet vanuit een mandir plaats. In enkele gevallen komt het voor dat de overledene thuis wordt opgebaard. Thuis is er namelijk meer verbondenheid met de overledene. Soms komt het voor dat de rouwstoet langs de mandir of woonhuis rijdt alvorens de overledene naar het crematorium wordt gebracht.

Hindoestaanse moslims
Onder de Hindoestaanse moslims zijn twee stromingen  te herkennen: de soennieten en de Ahmadiyya. De Ahmadiyya gelden als de meer liberale stroming.
Lees meer hierover bij Islamitisch.